|
Woensdag, 24 maart 2010 / 21:51
Terwijl Willy Kanis (vierde op de 500 meter tijdrit) de tranen net had gedroogd, bezorgde Peter Schep Nederland op de eerste dag van de wereldkampioenschappen baanwielrennen alsnog een medaille. Met het zilver op de puntenkoers maakte de Lopiker zijn verzameling compleet.
,,Met deze benen was dit het maximaal haalbare'', zei Schep die in de Australiër Cameron Meyer een oppermachtige opponent had getroffen. Meyer was mee toen vier renners, inclusief Schep, het peloton dubbelden, maar slaagde er later in nog een ronde te pakken. ,,Ik had mee moeten gaan, dat was mijn enige foutje. Maar hij was natuurlijk wel de beste. Ik heb er vrede mee.'' De Tsjech Milan Kadlec werd verrassend derde.
Schep werd de afgelopen jaren geplaagd door blessures. Dat begon in 2007 bij de WK in Mallorca waar hij al finishend werd aangereden. Het zilver op de koppelkoers, behaald met Danny Stam, was een schrale troost voor de sleutelbeenbreuk die hij daar opliep. De winter erna viel hij nog een keer, maar de broodnodige operatie werd uitgesteld omdat hij zich moest plaatsen voor de Spelen. Hij won brons op de WK in Manchester, een operatie volgde maar Peking liep uit op een teleurstelling. Vorig jaar miste hij de WK door een kuitblessure. Bondscoach Robert Slippens, in die rol bezig aan zijn eerste WK, zag de afgelopen weken dat het met de vorm van Schep wel goed zat. ,,Maar de puntenkoers is nog net geen loterij, het blijft altijd een verrassing.'' Slippens schreeuwde zijn pupil kort voordat de wedstrijd halfweg was toe op te letten op een ontsnapping. ,,Het is smoelen kijken'', wist de ervaren zesdaagserijder. Schep noemde het zilver, doelend op Slippens, ook 'ons succes', waarmee hij zeker niets wilde afdoen aan het werk van Slippens' voorganger Peter Pieters. ,,Met Peter had ik ook een coach die veel ervaring had.'' Dankzij Schep liep de openingsdag van de WK toch nog goed af voor Nederland. Willy Kanis, de verwachte medaillewinnares op de 500 meter, had eerder op de avond weer eens een frustrerende vierde plaats bereikt. Ze reed op de 500 meter tijdrit een persoonlijk record (33,801) maar zag de na haar gestarte Australische Anna Meares (33,381) het goud wegkapen en Simona Krupeckaite het zilver. Omdat de Wit-Russische Olga Panarina ook sneller was geweest, resteerde de vierde plek. Kanis was met veel ambitie naar Kopenhagen afgereisd. Op de eerste dag van de WK moest het meteen gebeuren. Ze was het afgelopen seizoen op de korte tijdrit tijdens wereldbekerwedstrijden ijzersterk uit de hoek gekomen; drie optredens, drie podiumplaatsen waarvan eenmaal goud. ,,Ik wist dat hier mijn kansen lagen. Het klopte gewoon, de vorm is goed maar het is niet goed genoeg'', was de verbittterde conclusie. Kanis weet hoe het is om vierde te worden op grote toernooien. Twee jaar geleden in Manchester miste ze het podium zelfs op één duizendste van een seconde. Op de Spelen van 2008 in Peking kwam ze tot diezelfde klassering in het sprinttoernooi. (c) ANP |
Er zijn nu 18 bezoekers online

